Formulier voor de openbare geloofsbelijdenis , versie 2013

Hieronder vindt u het formulier dat gelezen kan worden als gemeenteleden hun geloof belijden. Dit formulier is vastgesteld door de Generale Synode van de Christelijke Gereformeerde Kerken in Nederland in 2013.

 

Geliefde broeder(s) en zuster(s),

U bent hier verschenen om voor God en zijn gemeente belijdenis te doen van het geloof. Na gehouden onderzoek heeft de kerkenraad u aan de gemeente voorgesteld. Nu tegen niemand van u wettige bezwaren zijn ingebracht, willen wij u in de gelegenheid stellen om geloofsbelijdenis af te leggen.

Eerst willen wij luisteren naar wat de Schrift ons over het belijden van het geloof zegt. God heeft de mens goed geschapen, opdat hij Hem van harte zou liefhebben en met vreugde zou dienen. In het paradijs koos de mens er echter voor om onafhankelijk van God te leven. Daarmee bracht hij het oordeel van God over zich en verdiende hij de dood. Met de apostel Paulus belijden wij, dat wij allen gezondigd hebben en de heerlijkheid van God missen. Romeinen 3:23. 

God heeft echter de wereld zo liefgehad dat Hij zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat ieder die in Hem gelooft niet verloren gaat, maar het eeuwige leven heeft. Johannes 3:16.

Alleen het bloed van Hem, Gods Zoon, reinigt ons van alle zonde. 1 Johannes 1:7.

 Ieder die dit gelooft, erkent dat het God is die ons eerst heeft liefgehad en zijn liefde in onze harten heeft uitgestort door de Heilige Geest. 1 Johannes 4:19; Romeinen 5:5. 

De belofte van het Evangelie luidt, dat wie met de mond Jezus als Here belijdt en met het hart gelooft dat God Hem uit de doden heeft opgewekt, behouden zal worden. Romeinen 10:9. 

Dat deze persoonlijke belijdenis ook openlijk wordt uitgesproken, vinden we in de Bijbel o.a. bij Tomas, die in de kring van de discipelen Jezus belijdt met de woorden: Mijn Here en mijn God. Johannes 20:28. Ook schrijft Paulus aan Timoteüs dat deze de goede belijdenis heeft afgelegd voor vele getuigen. 1 Timotheüs 6:12. Door onze persoonlijke geloofsbelijdenis stemmen we in met de belijdenis van de kerk en weten we ons verbonden met allen die in hetzelfde geloof de Here liefhebben en dienen. Wij voegen ons in de eeuwenlange rij van mensen die het geloof belijden. De Zoon van God vergadert immers door zijn Geest en Woord vanaf het begin der wereld tot aan het einde zijn gemeente, die is uitverkoren tot het eeuwige leven.

 

In de doop hebben wij het teken en zegel van Gods verbond ontvangen. Wat Hij ons daarin beloofd heeft, vraagt van ons geloof. Zo is onze belijdenis in feite een antwoord op onze doop. Het is door de Heilige Geest dat wij dit antwoord geven. Wie belijdenis doet, geeft daarin gehoor aan de oproep van de Here Jezus om Hem te volgen. De weg achter Jezus aan is de weg van het eeuwige leven. Tegelijk zegt Jezus: Matteüs 16:24 Indien iemand achter Mij wil komen, die verloochene zichzelf en neme zijn kruis op en volge Mij.  

 

Wanneer wij te maken krijgen met verzet en verleiding, aanvechting en twijfel, mogen wij steeds terugvallen op de trouw van God en zijn vergevende liefde. Om ons geloof te versterken heeft de Here Jezus het Heilig Avondmaal ingesteld. Wie belijdenis doet, spreekt daarmee ook het verlangen uit om aan de viering daarvan deel te nemen. Wij doen belijdenis in het midden van de gemeente als het lichaam van Christus. Daarmee verklaren we ons medeverantwoordelijk voor de geestelijke opbouw van de gemeente en willen we ons daarvoor met de gaven die God ons geeft, inzetten. Ook behoort daartoe het trouw samenkomen met de gemeente en het zoeken en bewaren van de onderlinge vrede. Hebreeën 10:25; 2 Timoteüs 2:22. Vervolgens worden wij geroepen om in de wereld een zoutend zout en een lichtend licht te zijn, opdat door onze levenswandel anderen voor Christus gewonnen worden. Matteüs 5:13-16. Ten slotte worden we opgeroepen om uit te zien naar de wederkomst van onze Here Jezus om dan voor altijd in de eeuwige vreugde en heerlijkheid bij Hem te mogen zijn. Efeziërs 5:25-27; Openbaring 22:17. 

 

Nu het moment aanbreekt waarop u uw geloofsbelijdenis zult uitspreken, verzoeken wij u in dit plechtige ogenblik van uw leven voor veel getuigen oprecht antwoord te geven op de volgende vragen.

Ten eerste: gelooft u dat de waarheid van God, die in zijn Woord geopenbaard is en in de belijdenis van het christelijk geloof is samengevat en die in de gemeente onderwezen wordt, de waarachtige en volkomen leer van de verlossing is, en is het uw voornemen om, door de genade van God, in dit geloof te blijven staan in leven en sterven?

Ten tweede: hebt u berouw over uw zonden en verootmoedigt u zich voor God en zoekt u het leven buiten uzelf in Jezus Christus? Ziet u er ook naar uit om het Heilig Avondmaal te vieren tot versterking van uw geloof?

Ten derde: belijdt u dat het uw hartelijk verlangen is, door de kracht van de Heilige Geest, te volharden in de liefde tot de Here en Hem te dienen naar zijn Woord? Belooft u trouw samen te komen met de gemeente van Christus, u in te zetten voor de opbouw van zijn gemeente en u gewillig te onderwerpen aan het herderlijk opzicht van de kerk? Zult u Jezus Christus met woord en daad belijden in de wereld?

 

Wat is hierop uw antwoord? Ja.

 

De almachtige, barmhartige God en Vader van onze Here Jezus Christus geve u de kracht van zijn Heilige Geest! Amen.

Nu u deze belijdenis hebt uitgesproken, deelt u als leden met alle rechten en plichten in de gemeenschap van de kerk.

 

Geliefde gemeente,

Ontvang deze leden als broeder(s) en zuster(s). Bemoedig hen door te wijzen op de genade, de troost en kracht, die er te vinden is bijChristus en die u zelf van Hem mocht ontvangen, ook in tijden van beproeving of andere moeiten en zorgen. Ondersteun hen in de strijd van het geloof en leef met hen mee. Draag hen aan de Here op in uw gebeden, opdat zij mogen groeien in het geloof. Deel met hen uw vreugde in de Here. Daartoe geve de Koning van de Kerk ons door zijn Geest alle wijsheid, liefde en saamhorigheid. Amen.